Kvinne Katrinne – liefde overwint alles
Mei 1997
Bergansius Gula was eindelijk weer zwanger. De eerste bevalling was uitgedraaid op een keizersnede, na enkele moeilijke weken overleden de kittens als gevolg van longontsteking door vocht in de longen. We hoopten deze keer op een beter resultaat. De bevalling diende zich ’s nachts aan, en weer kreeg Gula het moeilijk. De weeën bleven komen, maar ze leek niet de kracht te hebben om te persen. Of zat het kitten soms klem? We stonden eigenlijk al op het punt om plankgas naar de dierenarts te rijden, maar de toenmalige echtgenoot wilde toch nog iets proberen. Met een met vaseline ingevette pink wist hij het kitten te voelen en enigszins te keren. Er kwam een flinke perswee, en daar was ze dan. Skogens Best Kvinne Katrinne, ons tortie tabby prinsesje. Ze bleek enig kind te zijn.
Kvinne betekent “vrouw” in het Noors, en dit Vrouwke, zoals we haar ook wel noemden, deed haar naam eer aan! Als een echte vrouw van de wereld wist ze, slechts enkele uren oud, zeer geraffineerd het kraambed met enkele charmante piepjes richting de echtelijke sponde te dirigeren. Oftewel: Gula en haar baby lagen prinsheerlijk midden in het grote bed. Echtgenoot en ik mochten de overblijvende ruimte (op de rand, geen dekens) nog hebben. Wij vonden het best.

Kvinne groeide op tot een heel bijzondere poes. Ze leek alles te begrijpen, wat er om haar heen gebeurde. Spelen met de andere katten was iets wat ze verafschuwde. Liever ging ze met ons een gesprek aan over de toestand in de wereld. Het werd al snel een gewoonte om Kvinne overal in te betrekken. Altijd was ze bij ons, dag en nacht. Ze had ook veel meer rechten en privileges dan de andere katten. Niet dat wij haar die privileges toekenden, ze nam ze gewoon, en wij pikten dat.
We hebben niet veel tentoonstellingen met ons Vrouwke gedaan. De eerste de beste keer, kittenklasse 3-6 maanden, in Heerenveen, verliep in een roes. Best in Variëteit, Best in Show en Best of Best! Het verbaasde ons niet eens. Natuurlijk was ons kind het mooiste poesje van de hele wereld! Het bleek de eerste en de laatste keer te zijn, dat Kvinne zich op show liet hanteren. De volgende show zat ze luid te blazen in haar kooi. Het werd zo erg, dat we haar teruggetrokken hebben. Liever een kat heelhuids terug zonder keuring, dan een totaal geflipte kat, een zwaar beschadigde steward en/of keurmeester en een verpeste keuring! We hebben het daarna nog 1x geprobeerd, maar nu was het zelfs zo erg dat Kvinne ons aanviel als we bij haar kooi in de buurt kwamen. Was dit ons lieve, verstandige meisje? We begrepen er niets van. Maar goed, als ze niet wilde showen, dan maar niet. Achteraf gezien moet Kvinne zich op dat moment al niet goed gevoeld hebben.
Juni 1999
Kvinne was krols! Hier hadden we al enige tijd op gewacht. We hadden een leuke partner voor haar uitgezocht in Duitsland, dus zodra Vrouwke zover was, gingen we opgewekt op pad. Het was best moeilijk om ons meisje bij haar toekomstige partner achter te laten. Ze was razend op ons en op haar toekomstige minnaar! Gelukkig vertrouwden we de eigenaren van de kater, zij waren goede vrienden van ons en zouden goed op ons meisje passen.
Na vier dagen konden we haar weer ophalen, ze was gedekt. Wat schrokken we toen we haar zagen! Er was iets helemaal mis met haar. Ze had zulke grote ogen! De pupillen waren helemaal open, uit haar blik sprak ontzetting. Wat hadden we haar aangedaan!
Eerst dachten we nog dat dit door de schok van de dekking kwam, maar wat we op dat moment nog niet wisten, was dat deze pupillen enkele maanden niet meer klein zouden worden. Een voorbode van haar ziekte?
10 augustus 1999
De bevalling diende zich aan. We hadden een webcam geïnstalleerd op de slaapkamer, zodat de echtgenoot ons meisje vanaf zijn werk in de gaten kon houden. Enkele malen per dag reed hij naar huis, om nog even extra te controleren. Hij belde me om half 11 ’s morgens op mijn werk, dat ze wat onrustig werd, en wat nat leek te zijn van achteren. Ik meldde me direct af op mijn werk en reed naar huis. Binnen een half uur was ik er, en ik ging direct naar de slaapkamer.
Kvinne was zo blij me te zien, ze kroop gelijk op mijn schoot en pats, daar braken de vliezen! Nooit geweten dat je zo ontroerd kunt worden bij het voelen van een warme golf vruchtwater op je nette kleren!
In mijn armen heeft Kvinne haar kindjes gekregen. Het ging allemaal zo mooi. Samen deden we de weeën, ze concentreerde zich helemaal op mij. Met haar pootjes in mijn handen vingen we samen de ergste pijn op, door mijn stem bleef ze rustig. Na amper twee uur had ze zonder problemen 4 bloedmooie kindjes op de wereld gezet. Twee red tabby met witte katertjes, een ravenzwart poesje en een zwart poesje met een piepklein medaillonnetje. Wat waren ze mooi, en wat was ze er blij mee!
Kvinne bleek een perfecte moeder te zijn. Misschien wel te perfect. Ze gaf zich helemaal aan haar kindertjes. Melk was er in overvloed, en ze verloor ze geen moment uit het oog. De kittens groeiden dan ook voorspoedig. Ze begon zelf wel wat mager te worden, maar ja, wat wil je ook, als ze zo veel aan haar kleintjes gaf?
December 1999
De kleintjes waren opgegroeid tot een paar prachtige kittens. Het ene rode katertje ging samen met mij op wereldreis naar Boston, Verenigde Staten, de ander ging lekker dichtbij wonen, in Groningen. De beide meiden bleven bij ons. We probeerden Kvinne er weer wat bovenop te helpen met lekkere hapjes, maar het leek maar niet te lukken. Het leek zelfs wel of ze steeds magerder werd. Dat kon toch niet, ze zoogde immers de kittens niet meer? Toen Kvinne ook lusteloos leek te worden, en niet meer op ons leek te reageren zoals ze vroeger altijd deed, brachten we haar voor een eerste onderzoek naar de dierenarts. De nachtmerrie was begonnen.
21 december 1999
In de dierenkliniek is Kvinne’s bloed onderzocht. Het is helemaal mis. Haar nieren lijken totaal niet meer te werken. Ze wordt direct opgenomen, en haar nieren worden constant gespoeld. Het wordt alleen maar slechter.
Kerstmis 1999
Een kerstmis zonder Kvinne zien we niet zitten. We willen haar bij ons hebben. Ook de dierenarts is het met ons eens. Kvinne lijkt helemaal weg te kwijnen, ze mist ons vreselijk. We spreken af dat we haar op kerstavond komen halen. Een afspraak voor de diergeneeskundige kliniek Utrecht is al voor ons gemaakt, helaas kunnen we pas op 10 januari volgend jaar terecht op Nefrologie, de nierafdeling. Onze taak is om haar in een zo goed mogelijke conditie te houden. De dierenarts is bang dat ze deze datum niet eens zal halen. De waarden van haar nieren waren zo vreselijk slecht, dit is volgens hem een aflopende zaak.
Eenmaal thuis met Kvinne barsten we in tranen uit. Dit kan toch niet waar zijn? Ons Vrouwke? Ons mooie Kvinnekind, met haar mooie kindjes, nog zo jong en dan al ongeneeslijk ziek? Kvinne kan niet meer. Op kerstavond kruipen we vroeg onder de wol, Kvinne tussen ons in. Ze is zo zwak geworden, dat ze zelfs haar plas laat lopen onder de dekens. Ze merkt het niet eens meer. Het doet vreselijk pijn om ons meisje op die manier te zien, zo zwak, met die grote, nietsziende pupillen, niet eens meer in staat om haar eens zo mooie lichaam te verzorgen. Wij doen dat voor haar.
We voeren haar bronwater, BarleDuc, met een spuitje. Ze MOET drinken, dat is haar enige redding. Het speciale dieetvoer wil ze niet eten, ik duw iedere keer met mijn vinger een heel klein beetje in haar mondje. Zo komen we de tijd door tot 10 januari.
10 januari 2000
We vertrekken al vroeg naar Utrecht. Een heel team van studenten en artsen onderzoekt Kvinne. Ze blijft fier rechtop zitten en verliest ons geen moment uit het oog. We blijven bij haar. Ik probeer met mijn ogen contact te houden met haar, om haar op die manier te vertellen dat ze vol moet houden, en moet vechten. Ze kijkt me onafgebroken aan, ook tijdens de pijnlijke ogenblikken, wanneer er in haar buik gevoeld wordt, met lampen in haar ogen gekeken wordt (men heeft geen verklaring voor de enorm grote pupillen), of wanneer er voor de zoveelste keer bloed afgenomen wordt. Het doet pijn om ons Vrouwke daar zo te zien.
Kvinne krijgt eerst een nierscan, om zo van buitenaf de nier te bekijken. Het resultaat is niet goed. Op de foto zijn allemaal haarvormige uitsteeksels waar te nemen, de oppervlakte is niet gelijkmatig, zoals het hoort. Een nierbiopt was nodig, maar voordat dit gedaan kon worden, moest eerst de bloeddruk gemeten worden. We moesten daarvoor naar een andere specialist, die zich alleen hier mee bezig hield. De apparatuur werd aangesloten op Kvinne’s handje.
Even bleef het stil, toen kwam er een vreemde reactie. Volgens de specialist was of de apparatuur kapot, of de kat, die voor hem op tafel zat, was al overleden. Er was namelijk geen bloeddruk. Nieuwe apparatuur werd aangesloten. Zijn conclusie bleef hetzelfde. De “dode” kat bleef ons strak aankijken.
Voor de biopt moest Kvinne onder narcose. We mochten er niet bij zijn. Afgesproken werd, dat we een paar uur Utrecht in zouden gaan, en dan tegen het eind van de middag terug zouden komen. We hebben met onze ziel onder de arm rondgelopen. We hadden honger, maar kregen geen hap door onze keel. Uiteindelijk zijn we maar teruggereden naar het diergeneeskundig centrum en hebben daar enige uren in de wachtkamer gezeten. Eindelijk, aan het eind van de middag, konden we Kvinne weer ophalen. Ze was zo blij toen ze ons zag, ze schreeuwde het uit. En wij waren in tranen.
Na twee weken kreeg onze dierenarts de uitslag. CIN, Chronische intermitterende nefritis. Kvinne’s nieren waren compleet verwoest. Er was helemaal niets meer aan te doen. “Tender love and care is de enige remedie”, zei mijn dierenarts. “Geef haar, voor de tijd die ze nog heeft, alle liefde. Dat is alles wat je nog kunt doen”.
Eerst was ik kapot van deze uitslag. Mijn meisje, ten dode opgeschreven? Dat kon niet, dat mocht niet! Ze was nog zo jong, had nog een heel leven te gaan! Ik besloot om nog zoveel mogelijk tijd met haar door te brengen. Was het eens mooi weer, dan nam ik direct vrij van mijn werk, reed naar huis, maakte een picknickmand klaar en ging met Kvinne aan een tuigje naar buiten. Uren konden we ronddolen. Lekker snuffelen aan de slootkant, een beetje rommelen in de struiken, tijdenlang in het gras liggen kijken naar een kevertje, we namen er alle tijd voor. Kvinne vond het heerlijk. Het leek of ze langzaam aan weer wat meer contact met me begon te zoeken. Heel soms, als we samen in het gras lagen te staren naar de wolken, werden haar pupillen even klein. Ze keek me dan ook heel gericht aan, en leek weer heel even de oude.
Ik begon ook te experimenteren met alternatieve geneeswijzen. Voor Kvinne kocht ik een mooi barnstenen hangertje, dat ze aan haar tuigje droeg. Barnsteen schijnt 1 van de stenen te zijn, die een geneeskrachtige uitwerking op de nieren hebben. Later kwam er nog een nefriet steentje bij. Ik ging ’s avonds al heel vroeg naar bed, en nam dan Kvinne mee. Samen onder de dekens, Kvinne lekker dicht tegen me aan. Zo konden we uren liggen keuvelen. Ik zachtjes pratend, en Kvinne antwoordde dan door zachte te miauwen en knipoogjes te geven. Door haar dicht tegen me aan te houden en zo samen rustig te liggen, kreeg ik zelf het gevoel dat ik op de een of andere manier kracht op haar over kon brengen. Ik weet niet of het werkte. Het was in elk geval erg gezellig.
Langzaamaan begon er een ommekeer in mijn denken te komen. Kvinne wilde niet dood. Ik wilde niet dat Kvinne stierf. Als we het daarover eens waren, dan moest ik actie ondernemen. Niertransplantatie!
In Nederland wordt nog geen niertransplantatie gedaan, in Amerika wel. Ik nam contact op met de fokkers in Boston, die Kvinne’s zoontje Nisse hadden, en vroeg hen om hulp. Via hen kwam ik in contact met een Amerikaanse specialist, die inmiddels 5 niertransplantaties bij katten had gedaan. Zij was bereid ons te helpen. De kosten zouden ongeveer 10.000 gulden zijn, en er zou gebruik worden gemaakt van 1 nier van een opgevangen zwerfkat. De voorwaarde was, dat ik achteraf ook de zwerfkat mee naar huis zou nemen, om ook deze kat, die 1 van zijn nieren zou afstaan, voor de rest van zijn leven te verzorgen.
In eerste instantie was mijn dierenarts absoluut tegen een dergelijke operatie. “Je gaat te ver in je wil om deze kat te redden”, zei hij. Kon me niets schelen. Kvinne was het waard. Als zij wilde vechten, zou ik haar helpen, koste wat kost. Maar toen had mijn dierenarts een ander plan. We waren er allebei van overtuigd dat Kvinne de lange reis naar Amerika nooit zou overleven in haar conditie. En stel dat ze het wel zou redden, en ook de transplantatie zou overleven, dan moest ze ook nog weer terug… Hij zou zoveel mogelijk informatie verzamelen over niertransplantatie. In Engeland was er ook al enige ervaring mee. Utrecht wilde niet helpen, dus we zouden het allemaal zelf moeten doen. Met hulp van de Amerikaanse arts, die ons per e-mail doorgaf welke onderzoeken er van tevoren gedaan moesten worden, begonnen we een operatie in Nederland voor te bereiden.
Februari 2000
Opnieuw moest Kvinne alle bloedonderzoeken doorstaan. Maar: wat vreemd? De bloedwaarden waren sterk verbeterd ten opzichte van de laatste onderzoeken. Dat kon niet! Telefonische navraag in Utrecht leerde dat Kvinne’s nieren zo kapot waren, dat het onmogelijk was dat de nieren zich herstelden. We prikten opnieuw bloed, maar de waarden bleven onveranderlijk: beter dan de waarden in december en januari.
Na drie spannende weken werd het bloed opnieuw gecontroleerd. Opnieuw een sterke verbetering. De specialisten in Utrecht stonden voor een raadsel. Blijkbaar had onze Kvinne Katrinne, ons Vrouwke, een zo sterke wil om te leven, dat ze op de een of andere manier zichzelf aan het genezen was.
Een vaatspecialist uit Utrecht liet weten dat, als deze sterke poes alsnog een transplantatie nodig had, hij bereid was om hiervoor speciaal naar de kliniek in Roden te reizen om te assisteren. Kvinne had indruk gemaakt. Nog diverse keren werd Kvinne’s bloed gemeten, en steeds was er weer een verbetering. Haar gewicht begon ook langzaamaan weer te verbeteren. Was ze in januari nog een krappe 2 kilo, ons meisje was nu inmiddels weer een ruime 3 kilo! Zou er dan echt een wonder gebeuren? Zou ze het gaan halen?
Maart 2000
Ik was te nonchalant geworden. Aangezien Kvinne niets meer te verliezen had, mocht ze alles wat ze maar wilde. Ook rondlopen in de omheinde tuin, bij de katers. Ze was immers zo ziek, krols werd ze toch niet meer. dat dacht ik tenminste. Ik hield haar altijd in de gaten. Als ze via de tuin de katerkamer inwandelde, ging ik haar ophalen. Maar ik ben blijkbaar niet snel genoeg geweest.
April 2000
Het viel ons op dat Kvinne er zo tevreden uitzag. Haar pupillen werden steeds vaker klein, de grote zwarte ogen waren bijna voorgoed verdwenen. En ze begon weer lekker op gewicht te komen. Hoewel: ze werd nu wel erg zwaar, ze was nu al rond de 4 ½ kilo. Ze zou toch niet…..
Opnieuw naar de dierenarts. Bloedwaarden gemeten: alles perfect, weer verbeterd, alleen nog steeds bloedarmoede, van de soort die bij een nierpatiënt hoort. Het slechte nieuws: vreselijk zwanger! Ik dacht dat ik erin bleef. Hadden we hiervoor gevochten, om haar alsnog door een zwangerschap te verliezen? Röntgenfoto’s tonen drie kittens. Volgens de dierenarts kunnen ze elk moment geboren worden. Ik heb daar zo mijn twijfels over. Dit zijn Noortjes, en volgens mij horen ze nog iets groter te zijn.
10 mei 2000
Het gaat niet goed met Kvinne. Dat zien we aan haar gezichtje. Ze lijkt ziek. Ze is zichzelf aan het vergiftigen. We bellen de dierenarts, en we besluiten tot een keizersnede. Kvinne kan in haar toestand een complete bevalling niet aan. Opnieuw moeten we ons meisje achterlaten. Maar ze lijkt te begrijpen dat we in de wachtkamer op haar wachten, dat we in gedachten bij haar zijn. Ze is erg rustig. Een klein uurtje later zijn we weer herenigd. Kvinne (direct gesteriliseerd) en drie prachtige kindjes zijn weer bij ons. Moe maar gelukkig rijden we weer naar huis.
Juli 2000
De kittens zijn voorspoedig opgegroeid. Ik heb ze al op de leeftijd van drie weken gespeend, om Kvinne zoveel mogelijk te ontzien. Ze lijkt het te begrijpen. Wel is ze duidelijk stapelgek op haar kindjes. Jammer dat deze poes, die zo lijkt te genieten van haar nestje, nooit meer kindjes zal kunnen krijgen.
We gaan naar de dierenarts voor de eerste vaccinatie. Ook Kvinne gaat mee, voor een uitgebreid bloedonderzoek. We zijn bang. Deze zwangerschap moet erg veel van Vrouwke gevergd hebben. Ze is vast behoorlijk achteruit gegaan.
De uitslag is normaal binnen een kwartier bekend, maar deze keer niet. De dierenarts mompelt dat hij even iets opnieuw moet doen, het duurt nog even. Als de uitslag er dan eindelijk is, vraagt hij me om even te gaan zitten. Zie je wel, het is mis. Ik wist het.
“Ik weet niet hoe ik je dit moet vertellen. Ik heb de test opnieuw gedaan, omdat ik de uitslag niet kon geloven. Maar het is echt waar. Kvinne’s bloedwaarden zijn weer binnen de toegestane normen. Ik kan haar weer gezond verklaren. Vraag me niet hoe het kan, het is onmogelijk. Maar ik kan er echt niets anders van maken.”
Ik begon te huilen. Alle emoties van de afgelopen maanden kwamen eruit. Mijn meisje, dat met kerstmis vorig jaar zo ziek was, genezen, terwijl dat volgens de artsen niet mogelijk is? Was het echt waar? Raakte ik haar nog niet kwijt? Ik durfde het niet te geloven. Maar het levende bewijs zat spinnend op mijn schoot.
November 2000
We zijn nu een paar maanden verder. Kvinne’s kittens zijn alweer het huis uit. Vrouwke is volledig hersteld. Ze is ruim 4 kilo, zit prachtig in vacht, heeft zelfs als eerste van onze katten een kraag. Ze eet goed, drinkt goed, en lijkt weer plezier in het leven te hebben.
Kerstmis 2000
Het zal een andere kerst worden dan die van vorig jaar. Dit jaar gaan we het herstel van ons Vrouwke vieren. Skogens Best Kvinne Katrinne, meisje met je sterke drang om te overleven, we houden van je. Voor ons ben je het levende bewijs van de innerlijke kracht, van de wil om zelfs dodelijke ziektes te overwinnen. Je hebt ons laten zien hoe liefde zelfs de ergste tegenslag kan overwinnen. Meisje, we houden van je!
Vergeet nooit het verhaal van Kvinne Katrinne. Denk eraan, als er iets met je katten gebeurt. Iets, waarvan je denkt dat het nooit meer goed zal komen. Denk er dan aan, dat liefde veel, zo niet alles kan overwinnen.